Verrast door de belastingdienst
Precies een week geleden zou er een belangrijk telefoontje komen. Ik was doodnerveus en haalde in de keuken de zoveelste kop koffie. Net op dat moment zag ik door de lamellen voor het keukenraam, dat er voor het huis van de buren een kleine blauwe wagen – vraag mij nooit naar automerken – werd geparkeerd. Ik sloeg er verder geen acht op. Even later werd er aangebeld. Mijn vrouw liep naar de voordeur en vanuit de kamer hoorde ik dat er zich een gesprek ontspon. Na enige tijd kwam ze binnen: “Ik vind het heel vervelend om je te storen maar daar zijn twee mensen van de belastingdienst die informatie willen over jouw webshop.” 
Moeder natuur heeft mij volgepropt met creativiteit en daardoor bleef er geen plekje meer over voor ondernemerschap. Mijn website is een cadeautje van mijn zoon, die wél een eigen bedrijf heeft: hij maakt websites… Inderdaad staat er op mijn site een webwinkel met – zegge en schrijven – drie boeken. De bundel “Een onvermoede bocht” met een selectie uit mijn poëzie en aforismen is in eigen beheer uitgegeven; de fiscus heeft er geen cent aan meebetaald. Het boek “Voorbij en daarna” was een afscheidsgeschenk voor mijn patiënten maar niet iedereen haalde het cadeautje op. Bij “Anatomie van het gevoel”, verschenen onder het pseudoniem Alexander van Es, gaat het om restexemplaren van de zesde druk, die de uitgever mij schonk toen het bedrijf werd overgenomen; voor iets meer geld kan men bij de boekhandel al de zevende druk kopen.
Het onaangekondigde bezoek kwam mij inderdaad bar slecht uit maar ik was toch al
nerveus en liet het tweetal – beiden rond de vijftig – dus maar binnen: een dame – type gemoedelijke toiletjuf bij Kaufhof of Karstadt – en een heer met het stevige, ietwat gedrongen postuur van een Pool of een Tsjech. Neen, de belastingmedewerkers hoefden geen thee of koffie, het ging slechts om enkele vragen en na een kwartiertje zouden ze al weer opstappen. Beiden namen een identiek notitieblok op hun schoot en één had een print van mijn webwinkel gemaakt.
Zoveel interesse voor mijn webwinkel is mij nooit eerder ten deel gevallen. Mijn site is namelijk verre van populair en hooguit eens per kwartaal bestelt iemand een boek. Uit de vragen die mij werden gesteld, sprak echter een geheel ander verwachtingspatroon. Had ik voor mijn webshop een eigen depot en liet ik mij bij mijn onderneming bijstaan door een financieel adviseur? Het tweetal probeerde de vragen nog oerserieus over de lippen te krijgen maar zag ook wel in dat aan mijn webshop geen droog brood te verdienen valt en dat er voor de ficus helaas dus geen
kruimels overblijven. Ik heb deze lieve mensen beiden een boek geschonken – “dat mogen wij eigenlijk niet aannemen maar hartelijk bedankt, want we zijn best wel geïnteresseerd” – en hen daarna vriendelijk uitgezwaaid.
‘s Avonds doemden er vragen op en toen ik ‘s nachts vreemde geluiden hoorde, onstond er twijfel: waren deze mensen echt medewerkers van de belastingdienst? Ze hadden wel een identificatiebewijs bij zich maar daarvoor kan men tegenwoordig bij elke vormgever terecht. De informante van de belastingtelefoon wist niets van een dergelijke controle; ze zou een terugbelverzoek regelen en wenste mij nog een hele fijne dag. Twee dagen werd ik inderdaad teruggebeld door een meneer (“Wilt u niet mijn naam noemen, wanneer u over dit gesprek schrijft.”), die opperde dat het om een nieuwe service zou kunnen gaan: wij proberen mensen namelijk te helpen met het invullen van hun belastingformulieren.
De politie had nog nooit van dit soort onaangekondigde bezoeken gehoord, waarna ik echt ongerust werd. Toen kwam zoonlief met een mogelijke oplossing: “Papa, iemand heeft de kliklijn gebeld!” De fiscus beschikt niet over een eigen kliklijn maar – het is goed dat u het weet voor het geval dat… – daarvoor kan men terecht bij “Meld misdaad anoniem”: telefoon 0800-7000. Om mij nader te laten informeren belde ik dit nummer, waarbij ik keurig mijn voor- en achternaam noemde om duidelijk te maken dat ik geen potentiële crimineel op het oog had maar mij wilde
laten informeren over de fiscus.
Kon het misschien zijn dat iemand mij had verlinkt. “Ja, dat kan zeker,” klonk zeer gedecideerd, “wij krijgen dagelijks wel tweehonderd meldingen over belastingfraude.” Vervolgens informeerde ik nog voorzichtiger of ik het onaangekondigde bezoek van de belastingdienst misschien aan een verklikker had te danken. “Dat kan héél goed,” ratelde de vrouw weer door met dezelfde opmerkelijke stelligheid, “maar u moet beslist niet denken dat wij zomaar ingaan op pesterijtje van buren… Wanneer de belastingdienst zich bij u meldt, zal dat écht niet zonder reden zijn.”
Ignace Schretlen, arts-auteur en beeldend kunstenaar
Voor meer informatie… en de webshop: www.ignaceschretlen.nl
Gerelateerde berichten:
05/13/2012 - 2:34 PM
05/13/2012 - 9:50 AM
05/13/2012 - 9:39 AM
05/12/2012 - 10:39 AM
05/11/2012 - 2:11 PM